|
Wim Rhebergen Interviews ► Home ► Contact: info@rhegie.com |
|
|
|
|
|
|
|
Birkbode dec.98/jan ‘99 Mevrouw Lavertu-Siauw
is een bescheiden vrouw, die trouw haar man in het verpleeghuis bezoekt. Ze aarzelt als ik haar voor een interview
vraag. Ik
zeg: “Het zijn indrukwekkende woorden die u spreekt. Ik zou die heel graag
willen opschrijven. Ik denk dat u daar de lezers van de Birkbode
een heel groot plezier mee doet.” Na
enig aandringen stemt ze dan toe. |
|
“Het
gaat altijd anders dan je verwacht” De
drie dingen in het leven die je niet hoeft te zoeken “Mijn man is nu al drie jaar in het verpleeghuis.
Wie had dat ooit kunnen denken? Wat hersenen al niet doen! De bewoners van de
afdeling krijgen lekkere koekjes van mij. Ik trakteer, dat deed ik vroeger
ook altijd. Hij is de man van mijn leven. Ik zeg wel eens: Er zijn drie
dingen in het leven die je niet hoeft te zoeken. Geluk, liefde en dood. Die
krijg je. Op een dag ontmoet je dat wat voor je bestemd is. En het gaat
altijd anders dan je verwacht. “ De
ontmoeting “Het was in Indië, na de oorlog, in de tijd van de politionele
acties.. Ik werkte bij het Rode Kruis. Ik ging - soms in escorte - met de
dokter en de verpleegster buiten de zogenaamde makassilijnen
- naar de gebieden waar de controle van de overheid minder was. Mijn taak was
om de bewoners van de dorpen te voorzien van eten. Ik deelde kleren aan hen
uit. Aan alles was gebrek. Ik was niet zo jong meer, in de dertig en dan ben
je in Indië niet meer jong. De directeur zei op een
dag: “Die jongen wil je!” Ik geloofde hem niet. “Hij maakt een lolletje met
mij”, dacht ik en zei voor de grap: “Nou, laat hem dan maar komen!” Ik woonde
nog bij mijn vader. En ja hoor, toen kwam hij. Een Hollandse jongen. Hij was
sergeant bij het KNIL. Hij had een moeilijke tijd in de oorlog gehad toen hij
aan de Birma-spoorweg moest werken en was nu weer
terug in Indië. We zijn korte tijd later getrouwd.” Moeder en vader “Mijn moeder is op
jonge leeftijd gestorven, 33 jaar oud. Ik ben wel eens bang geweest dat ik
ook niet oud zou worden. Ik dacht wel eens: ik zie mijn kinderen niet groot
worden, maar ik ben nu 78. Het zijn maar gedachten, een mens haalt zich soms
zoveel in het hoofd. – Het hele leven is een verhaal, dat je aan het einde
van je leven pas kent. Zodra je geboren wordt, begint het verhaal, of
eigenlijk al eerder. Mijn moeder komt van een klein eiland in de buurt van Sumatra en toen mijn vader haar trouwde, verliet ze haar
geboorteland om met hem mee te gaan. Ik groeide de eerste jaren van mijn
leven op bij mijn opa en tante. Later kwamen mijn ouders me ophalen. Ze
woonden toen in Padang,
West Sumatra. Mijn vader en moeder waren beiden
boeddhistisch, maar ik werd naar een katholieke school gestuurd, naar de Zusters van de Liefde. Ik kreeg een
strenge opvoeding. Ik mocht niet zwemmen en niet in bomen klimmen. Wel moest
ik leren koken en handwerken. Als kind las ik jong en oud voor, prachtige
verhalen, romans en geschiedenisboeken. Wat ik geloofde, mocht ik zelf
beslissen.” Naar Nederland “In 1950 zijn wij
naar Nederland gekomen. Mijn man, die na de oorlog nog niet met verlof was
geweest, kreeg 6 maanden om naar Nederland terug te gaan. Ik had niet zoveel
zin. Ons eerste kind was net geboren. Uiteindelijk ga je natuurlijk altijd
mee met degene van wie je houdt. De ouders van mijn man nodigden ons uit bij
hen te komen wonen. Vriendelijke mensen. We bleven er 14 maanden. De situatie
in Indië veranderde. Wij waren gedwongen in
Nederland te blijven. Er is nog even sprake geweest dat mijn man naar
Suriname zou gaan, maar dan moest ik een jaar wachten om hem te kunnen volgen
en dat wilde hij mij niet aandoen.” Amsterdam en Amersfoort “We woonden in Amsterdam, dicht bij de Berlagebrug. Toen mijn man in de Juliana Stolbergkazerne kwam te werken, zijn wij naar Amersfoort
verhuisd. Vreselijk! Ik heb de eerste week alleen maar gehuild. Hij was toen zo
lief. Hij zei maar steeds: “Je hoeft niets te doen. Ga maar wat wandelen, dan
komt het wel goed.” Toen ze mijn man naar Duitsland dreigden te zenden, heeft
hij ontslag uit het leger genomen. Hij wilde me niet alleen in Amersfoort
achterlaten. Hij heeft nadien bij een verzekeringsmaatschappij gewerkt. Het
is een man die niet zo veel zegt, maar hij heeft zijn werk altijd goed
gedaan. Ik ben er ook zeker van dat je steeds van Boven geholpen wordt.” Praten “Natuurlijk moet je in je leven praten, maar je
moet wel weten wat je zegt. Woorden hebben een betekenis. Je moet geen
slechte dingen zeggen. Als je goede dingen zegt, zullen ze goed uitwerken
naar anderen en naar jezelf.” Het
geheim van je leven “Ik ben nu 78 jaar. Ik heb zoveel meegemaakt. En
dan vraag je wel eens af: waarom? Het heeft toch iets te maken met het geheim
van het leven hier op aarde. De boeddhisten geloven dat je voordat je geboren
wordt, een belofte voor je leven aflegt. Als je geboren wordt, houd je in het
gebalde vuistje je geheim vast. Maar zodra je je
hand opent, ben je het kwijt. Je weet het niet meer. Maar het komt naar je
toe, zeer zeker. En als je dan oud bent en terugkijkt op je leven, herinner
je het misschien.” |